De stier

Bloeddoorlopen ogen

Onlangs debuteerde Kamiel Choi met de kloeke bundel Tiktaalik, uitgegeven door De Kaneelfabriek. Daaruit een aanschouwelijk gedicht:

DE STIER

een jongen komt aan het hek
om in de ogen van de stier
een stom dier aan te kijken

zijn kaken malen, hij ziet
de staart die naar de vliegen slaat
zijn tong schuurt het ruwe veld,
spieren spannen zich aan

de jongen, oud, keert naar het hek
terug. het gras aan zijn kant is hoog
en in het maanlicht staat het dier:
zijn kont, zijn nek, zijn kloten
de ogen bloeddoorlopen, zijn kop
door schurft aangevreten,
zijn poten in de stront

In dit vers wordt tweemaal een beeld geschetst van een vrijwel identieke gebeurtenis: jongen kijkt naar stier. Het betreft in beide gevallen dezelfde jongen en dezelfde stier. De tweede gebeurtenis lijkt zich geruime tijd na de eerste af te spelen: de jongen is ouder, het gras gegroeid en de maan opgekomen. En ook de stier is veranderd: van aangespannen spieren naar bloeddoorlopen ogen en een schurftige kop. De ouderdom komt met gebreken.

Omdat je niets verneemt over wat de jongen voelt of denkt, word je als vanzelf overspoeld met eigen gevoelens en gedachten over het thema van dit knappe gedicht: de vergankelijkheid. Ik ben vervuld met lichte droefheid en nostalgie.

  • Choi, K. (2020). Tiktaalik. De Kaneelfabriek.